Zelf akten maken
Waardeer uw notaris Zoek uw notaris

Overlijden en de gevolgen voor de inkomstenbelasting

Als gevolg van het overlijden is er veelal erfbelasting verschuldigd. Daarnaast moet er in het jaar van overlijden een zogenaamde overlijdensaangifte worden ingediend, een zogenaamd F-Biljet. Dit is de aangifte over de periode van 1 januari tot het moment van overlijden. Wat zijn daarna de consequenties, vooral als iemand slechts een vordering wegens onderbedeling krijgt?

Gevolgen wilsbeschikking

Na het moment van overlijden is het afhankelijk van de testamentaire bepalingen wat de fiscale gevolgen zijn. Veelal zal er na het overlijden van de langstlevende sprake zijn van een situatie waarbij de langstlevende, in het kader van de verzorgingsgedachte, de goederen (en schulden) onder zich houdt, wordt overbedeeld en dus een schuld aan de kinderen krijgt. Dit is het gevolg bij de wettelijke verdeling (erfrecht bij versterf) als er geen testament is gemaakt en bijvoorbeeld bij de ouderlijke boedelverdeling, zoals we die vroeger kenden. Ook kan de langstlevende zich bijvoorbeeld het vruchtgebruik voorbehouden, waarbij de kinderen de blote eigendom verkrijgen. Al met al lijkt het alsof er in de vermogenssfeer, met uitzondering van de te betalen aanslag erfbelasting niet veel verandert. De langslevende blijft waar die zit, houdt de inboedel en de bankrekening en kan veelal materieel gezien op de oude voet verder leven. Pas op het moment van overlijden van de langstlevende krijgen de kinderen hun aandeel echt in handen of in volledig eigendom.
Moeten deze kinderen nu wel inkomstenbelasting over hun vordering betalen?

Defiscalisering box 3: overbedeling en onderbedeling 

Regeling vanaf 2012

Vanaf 2012 is het redelijk eenvoudig. Een erfgenaam die niets ontvangt, behalve een vordering moet daar volgens de wetgever ook niet in box 3 voor worden belast. Zoals hierboven al aangegeven: er verandert feitelijk niet veel. In zo'n geval betaalt de langstlevende / vruchtgebruiker / overbedeelde erfgenaam (meestal de langstlevende) alle inkomstenbelasting en de andere (veelal het kind) dus niets. Een dergelijke onderbedelingsvordering van het kind, c.q overbedelingsschuld van de langstlevende is dus gedefiscaliseerd.

Regeling tot en met 2011

Let op dat tot en met 2011 de regels inzake defiscalisering nog anders (lees: minder soepel en niet zo eenvoudig) waren. Alleen vorderingen in situaties, waarbij de langstlevende alle goederen verkreeg en de schulden kreeg toebedeeld, zoals in de wettelijke verdeling was geregeld, leidde tot defiscalisering van de (niet opeisbare) vordering. Ook andere vorderingen voortvloeiend uit een testament dat inhoudelijk met een wettelijke verdeling overeenkomt, leidde tot defiscalisering van de vordering. Werd dus wel afgeweken van de wettelijke verdeling, dan behoorde de vordering van de kinderen tot de rendementsgrondslag in box 3.

Een voorbeeld van een met de wettelijke verdeling overeenkomende regeling is de ouderlijke boedelverdeling. Een vruchtgebruiktestament, een keuzetestament en een ik-opa testament daarentegen kwalificeerde tot en met 2011 dus niet.



5 Jun 2012


Waardeer het artikel Inkomstenbelasting en defiscalisering

Inkomstenbelasting en defiscalisering heeft een waardering van 7.6 / 10 punten met 16 beoordelingen.



naar boven



Zoeken

Contact

Estate Plannings Juristen
Oldenzaalsestraat 125
7514 DP Enschede

t : 053 432 72 00
f : 053 431 34 24
e : info@estateplanningsjuristen.nl