Zelf akten maken
Waardeer uw notaris Zoek uw notaris

Bedrijfsopvolgingsfaciliteiten in beweging

Ondernemingsvermogen (BOR)

Men zou kunnen denken dat de BOR kan worden geoptimaliseerd door de inbreng van beleggingsvermogen voorafgaand aan schenking of vererving. Denk hierbij aan het benutten van de 5%-franchise. Hierop staat echter de zware sanctie van het geheel verliezen van de BOR, art. 35d(1)(c) SW. A.M.A. de Beer wijst erop dat het wel effectief is het ondernemingsvermogen uit te breiden, zie WFR 2015/7119. Zo zou een vermogende DGA vanuit privé een agiostorting van € 1 mio kunnen doen, waarna de B.V. dit in ondernemingsvermogen omzet. Als aan de bezitseis van 1 jaar bij schenking en 5 jaar bij overlijden is voldaan met betrekking tot oud ondernemingsvermogen, trekt dit het nieuwe ondernemingsvermogen mee. Een interessante planning zou kunnen zijn om in dergelijke gevallen beleggingsvermogen om te zetten in ondernemingsvermogen.

Voortzettingseis

Stel, een kind verwerft IB-ondernemingsvermogen onder de BOR. Binnen de vijfjaarsperiode gaat hij een firma aan, waarbij de toetreder voor 50% winstgerechtigd wordt. Als de toetreder feitelijk 50% van de ondernemingswaarde betaalt, wordt de BOR voor 50% teruggenomen. Men zou kunnen denken dat dit niet geldt als de toetreder een winstaandeel krijgt vanwege arbeid en vlijt en niet gecrediteerd wordt op de kapitaalrekening. Vreemd genoeg wordt ook in een dergelijk geval de BOR partieel teruggenomen. Hetzelfde geldt trouwens als de toetreder een onderneming met dezelfde waarde inbrengt en daarvoor op de kapitaalrekening wordt gecrediteerd. De kapitaalrekening van het kind wordt dan niet minder, maar toch wordt voor de BOR een partiële niet-voortzetting aangenomen. A.M.A. de Beer wijst erop dat men in dergelijke gevallen de toetreding beter voorafgaand aan de schenking of vererving kan laten plaatsvinden, WFR 2015/7119, onderdeel 8.4. In dit artikel constateert hij verder dat als in de B.V.-sfeer een toetreding plaatsvindt in de vorm van toekenning van aandelen, geen partiële niet-voortzetting optreedt. Voor de voortzettingseis in de B.V.-sfeer wordt gekeken naar de aandelen en die behoudt men gewoon als de B.V. een zakelijke emissie aan de derde doet. De hiervoor aangegeven niet-voortzetting in de firmasfeer zou kunnen worden vermeden door geruisloze inbreng in de B.V.

(Bron MFAS)



12 Nov 2015


Waardeer het artikel Actualiteiten 2015 BOR




naar boven
Contact

Estate Plannings Juristen
Oldenzaalsestraat 125
7514 DP Enschede

t : 053 432 72 00
f : 053 431 34 24
e : info@estateplanningsjuristen.nl